Regulier onderwijs
Kinderen met TOS gaan vaak naar het regulier onderwijs.
Meer informatieReguliere basisschool
Kinderen met TOS gaan vaak naar de reguliere basisschool. In Nederland geldt de wet op passend onderwijs. De wens is dat zoveel mogelijk kinderen naar de reguliere basisschool kunnen gaan.
Welke reguliere basisscholen zijn er?
Op de website scholen op de kaart kan je zien welke scholen bij jou in de buurt zijn. Op deze site staat informatie over de school. Bijvoorbeeld hoeveel leerlingen er zijn of hoe tevreden ouders zijn. Je kan hier ook de schoolgids met meer informatie downloaden. Deze informatie kan je gebruiken om te kijken welke scholen bij jou en je kind passen.
Wat kan de reguliere basisschool doen voor kinderen met TOS?
Kinderen met TOS hebben vaak ondersteuning nodig. Scholen moeten duidelijk aangeven welke ondersteuning zij bieden. Dat staat op de website van de school. De ondersteuning wordt geregeld vanuit het samenwerkingsverband (SWV) van een school. Het SWV spreekt af welke basisondersteuning scholen bieden. En welke extra ondersteuning school kan geven en voor welke leerlingen dat is bedoeld. Deze extra ondersteuning is vaak voldoende. Is de extra ondersteuning niet voldoende? Dan kan school kortdurend advies of extra hulp aanvragen bij instellingen voor TOS. Deze instellingen heten officieel ‘instellingen voor ondersteuning of onderwijs voor auditief en/of communicatief beperkte leerlingen’. Ook kunnen deze instellingen meedenken over een andere passende plek.
Tips:
- Neem contact op met de school om te horen wat ze voor jouw kind met TOS kunnen doen.
- Bezoek een informatieochtend of open dag.
- Praat met ouders van kinderen die al op school zitten. Of met ouders die zelf ook nog een school moeten kiezen.
Hoe meld ik mijn kind aan voor de reguliere basisschool?
Je meldt je kind zelf aan bij de school. Hoe dat gaat verschilt per gemeente. Je kan aan de gemeente of de school vragen wat je moet doen. Je kan ook vragen of er plaats is voor jouw kind. Op de site van de Rijksoverheid staat meer informatie over je kind aanmelden voor de basisschool. De basisschool heeft bij aanmelding informatie nodig over jouw kind. Daarmee kunnen ze bekijken wat ze voor jouw kind met TOS kunnen doen. En of je kind meer ondersteuning nodig heeft dan school of het samenwerkingsverband kan bieden.
Goed om te weten
-
Vragen die je aan een reguliere basisschool kan stellen
-
Deze site van de Rijksoverheid laat zien welke soorten scholen er zijn
-
Via scholenopdekaart.nl kan je zien welke scholen bij jou in de buurt zijn
-
Deze site van de Rijksoverheid geeft informatie over je kind aanmelden voor school
-
Op oudersenonderwijs.nl staat informatie over de zorgplicht van reguliere scholen (let op: zorgplicht geldt niet altijd)
Vroegbehandeling
De vroegbehandeling kan goed helpen in de overgang naar school. Maar jullie hebben als ouders de regie in de overgang van de vroegbehandeling naar de basisschool. Jullie hebben contact met de vroegbehandeling en de basisschool.
Wat doet de vroegbehandeling?
- De vroegbehandeling brengt de behoeftes van jouw kind in kaart.
- De vroegbehandeling denkt mee over welk onderwijs het beste zou kunnen passen bij jouw kind.
- De vroegbehandeling helpt zo nodig met het aanvragen van een arrangement.
Wat doen ouders?
- Jij kent je kind het beste. Jouw ervaring en kennis neem je mee in de gesprekken met professionals.
- Je gaat in gesprek met de professionals. Samen vinden jullie de beste plek voor je kind.
Tips:
- Je kan met andere ouders in gesprek over hoe zij de overgang ervaren.
- Als je iets niet weet, kan je altijd in gesprek met de professionals van de vroegbehandeling.
- Vraag aan de behandelaren op welke leeftijd van je kind (of na hoeveel maanden behandeling) zij goed mee kunnen denken over de eventuele ondersteuning in het toekomstige onderwijs. Maak vooraf duidelijke afspraken wanneer de gesprekken hierover plaatsvinden.
Goed om te weten
-
Vragen die je bij de vroegbehandeling kan stellen
-
Op AllesoverTOS.nl staat meer informatie over vroegbehandeling (ZG-zorg)
-
FOSS is de vereniging voor ouders van kinderen met TOS
-
'Ouders en Onderwijs' is een informatiepunt over onderwijs
-
Patty vertelt over haar ervaringen met de behandelgroep bij haar zoon Dani (1:35-2:10, TOS-portretten Deelkracht)
-
Het Spraaktaalweb van Deelkracht kan helpen bij het gesprek over wat jouw kind nodig heeft op school
Aanmeldpunt Speciaal Onderwijs voor TOS
Sommige kinderen met TOS hebben extra ondersteuning nodig op school. Extra ondersteuning voor TOS kan worden aangevraagd bij een aanmeldpunt van instellingen voor TOS (dat heette vroeger cluster 2-onderwijs). Deze instellingen heten officieel ‘instellingen voor ondersteuning en onderwijs voor auditief en/of communicatief beperkte leerlingen’. Bij het aanmeldpunt werkt een Commissie van Onderzoek (CvO). Zij gaan beoordelen welke ondersteuning het beste bij je kind past.
Hoe kan ik mijn kind aanmelden voor extra ondersteuning?
Er zijn vier organisaties met speciaal onderwijs voor TOS: Auris, Kentalis, VierTaal of Vitus Zuid. Elke organisatie heeft een eigen aanmeldpunt. Op deze site van Siméa kan je een aanmeldpunt in jouw regio zoeken. Op Allesovertos.nl vind je een overzicht van de aanmeldpunten.
Heb je je kind aangemeld voor een reguliere school? Dan moet school de ondersteuning aanvragen. Is je kind nog niet aangemeld voor school dan doen jullie de aanvraag bij het aanmeldpunt. De vroegbehandeling kan je hierbij helpen. Overleg met de behandelcoördinator of teamleider van jouw kind wat zij hierin voor jou kunnen betekenen. Maak duidelijke afspraken met elkaar wie wat doet. Vraag ook aan de behandelaren van jouw kind wanneer een goed moment is om een aanvraag te doen. Dit verschilt per regio.
Let op:
- Het aanmeldpunt werkt in elke regio net anders. Vraag aan je behandelaar hoe het precies in jouw regio werkt.
- Heb je vragen of wil je meer informatie? Dan kan je zelf ook contact opnemen met het aanmeldpunt.
- Als je kind nog niet is aangemeld voor een school moet jij de aanvraag doen. Overleg met de vroegbehandeling wat zij hierin voor jou kunnen doen. Maak duidelijke afspraken met elkaar.
Goed om te weten
-
Vragen die je bij een aanmeldpunt/CvO kan stellen
-
Op AllesoverTOS.nl staat een overzicht van aanmeldpunten voor speciaal onderwijs
-
Via Siméa kan je een aanmeldpunt in jouw regio zoeken
-
Siméa heeft ook informatie over aanmelding en toelating
-
In de Richtlijn Toelaatbaarheid van Siméa staat welke informatie wordt bekeken voor de toekenning van een arrangement
-
Op AllesoverTOS.nl staat meer informatie over de verschillende soorten onderwijs en ondersteuning voor TOS
Commissie van onderzoek
Wat doet de commissie van onderzoek?
De Commissie van Onderzoek (CvO) beoordeelt welke ondersteuning het beste past bij het kind. Hiervoor kijkt de CvO naar de vraag van de school (de ondersteuningsbehoefte) en de problemen die het kind op school ervaart door de TOS (de onderwijsbehoefte). In de CvO werken mensen met verschillende beroepen zoals spraak-taal deskundigen, gedrags-deskundigen en onderwijs-deskundigen.
De CvO heeft informatie nodig om het besluit te kunnen nemen. Welke informatie dat is staat in de Siméa Richtlijn Toelaatbaarheid. De CvO verzamelt alle verslagen voor in het dossier. Soms moet er eerst meer onderzoek komen. Bijvoorbeeld als het dossier niet compleet is. Of als er informatie nodig is om een besluit te nemen, bijvoorbeeld over hoe het kind communiceert. Dan komt een CvO-lid naar de behandelgroep om mee te kijken (dat noemen we een observatie).
Het dossier wordt besproken in de CvO. De CvO beslist of het kind recht heeft op extra ondersteuning (ondersteunings-arrangement) of speciaal onderwijs (onderwijsarrangement voor cluster 2). De CvO neemt haar besluiten zorgvuldig en legt het besluit uit aan de school, de ouders en aan het kind.
In Nederland zijn er vier CvO’s. Eén voor elke instelling met onderwijs voor kinderen met TOS. Zij werken samen in Siméa. Een overzicht van de instellingen voor speciaal onderwijs vind je hier. Informatie over de CvO vind je op de website van de instelling.
Bekijk ook de animatie voor meer informatie over het toelatingsproces.
Let op:
- De CvO werkt in elke regio net anders. Vraag aan de professionals van de vroegbehandeling hoe het precies in jouw regio werkt.
- De regels voor zorg en de regels voor onderwijs verschillen.
Bijvoorbeeld: soms krijgt een kind wel naschoolse behandeling voor TOS (ZG-zorg). Maar heeft dat kind op school geen recht op extra ondersteuning vanuit het speciaal onderwijs. - Je kind heeft een diagnose (vermoeden van) TOS nodig.
- Een arrangement of plaatsing in speciaal onderwijs is niet voor altijd geldig.
- Een arrangement of plaatsing in speciaal onderwijs is niet voor altijd geldig.
- Je kunt ook gratis hulp inroepen van een onderwijsconsulent. Zij kunnen advies geven aan ouders, leerlingen, scholen of samenwerkingsverbanden. Ze kunnen ook bemiddelen.
- De CvO blijft (op de achtergrond) betrokken als je kind een arrangement heeft.
- Ondersteuning is mogelijk tot en met het MBO.
Goed om te weten
-
Vragen die je bij een aanmeldpunt/CvO kunt stellen
-
In de Richtlijn Toelaatbaarheid van Siméa staat welke informatie wordt bekeken voor de toekenning van een arrangement
-
Op de site van Siméa staat meer informatie over de procedures voor klachten en second opinions
-
Op Onderwijsconsulenten.nl staat meer informatie over onderwijsconsulenten
Arrangementen
Wat is een arrangement?
Een arrangement is niet één product. Het is een pakket van ondersteuning. Het pakket is afgestemd op wat jouw kind nodig heeft op school. Dat heet ook wel de onderwijsbehoefte.
Wat voor arrangementen zijn er?
- Ondersteuningsarrangement:
-
- Je kind volgt onderwijs op een reguliere basisschool, SBO-school of cluster 3 of 4-school.
- Een ambulant begeleider of dienstverlener (AB’er of AD’er) ondersteunt je kind en de school. Deze AB’er of AD’er hoort bij het speciaal onderwijs voor TOS.
- Onderwijsarrangement:
- Je kind gaat naar een school voor speciaal onderwijs voor TOS (dat heette vroeger cluster 2-onderwijs).
Wanneer krijgt een kind een arrangement?
Het toekennen van een arrangement hangt af van:
- de hulpvraag van een reguliere school. Dit heet de ondersteuningsvraag.
- de ernst van de taalproblemen van jouw kind.
- de onderwijsbehoefte van je kind. Kan je kind door de TOS het reguliere onderwijs (on)voldoende volgen?
De regels staan in de richtlijn toelaatbaarheid.
Hoe lang is een arrangement geldig?
Een arrangement is tijdelijk. Elk jaar wordt bekeken of het arrangement nog steeds bij je kind past. Het is mogelijk dat het arrangement wordt aangepast. Misschien kan je kind hierdoor wisselen van regulier onderwijs naar speciaal onderwijs. Of andersom. Het is ook mogelijk dat je kind naar een andere vorm van speciaal (basis)onderwijs gaat.
Kortdurend advies
Soms is een arrangement niet nodig, maar heeft de leerkracht van de reguliere basisschool wel vragen over TOS. De school kan hiervoor consultatie en advies aanvragen. Dan komt iemand van het speciaal onderwijs op school kijken. Deze medewerker geeft advies aan de leerkracht. Consultatie en advies vraagt de school aan bij het aanmeldpunt.
Let op:
- Arrangementen aanvragen gaat via het aanmeldpunt.
- De professionals uit de vroegbehandeling helpen vaak bij de aanvraag van een arrangement.
- Bij de haltes aanmeldpunt en CvO vind je meer informatie over het aanvragen en toekennen van een arrangement.
Onderwijs zonder arrangement
Sommige kinderen met TOS kunnen zonder extra hulp goed meekomen op school. En als je kind meer ondersteuning nodig heeft dan is de basisondersteuning op school of de extra ondersteuning vanuit het samenwerkingsverband (SWV) soms voldoende. Een ondersteuningsarrangement vanuit het speciaal onderwijs voor TOS is daarom niet altijd nodig.
Wat als mijn kind zonder arrangement naar school gaat?
Dan is het extra belangrijk om te weten wat school biedt aan onderwijs en ondersteuning. Hoe houden ze in de gaten of jouw kind meekomt met leren of in de omgang met anderen? Wat doen ze als jouw kind toch extra ondersteuning nodig heeft? Bij leerlingen met extra ondersteuning wordt dit bijgehouden in een ontwikkelingsperspectiefplan (OPP). Zo’n plan is niet verplicht als je kind alleen basisondersteuning krijgt. Maar ook dan kan het handig zijn.
Het is handig om te vragen wie overzicht houdt over hoe het met jouw kind gaat en wat je kind nodig heeft. Dat is vaak de intern begeleider (IB’er) of kwaliteitscoördinator van de school. Daarmee kan je bespreken wat voor ondersteuning de school aan jouw kind kan bieden. En hoe ze jou betrekken bij de plannen voor het onderwijs en de ondersteuning. Deze pagina over het OPP-gesprek kan daar misschien bij helpen.
Heeft je kind toch meer ondersteuning nodig? Dan kan school hulp aanvragen bij speciale instellingen voor TOS.
Kortdurend advies
Soms is een arrangement niet nodig, maar heeft de leerkracht van de reguliere basisschool wel vragen over TOS. De school kan hiervoor consultatie en advies aanvragen. Dan komt iemand van het speciaal onderwijs op school kijken. Deze medewerker geeft advies aan de leerkracht. Consultatie en advies vraagt de school aan bij het aanmeldpunt.
Verschillende zorgverleners
Vaak hebben kinderen met TOS in de reguliere basisschool nog logopedie. En misschien heeft je kind nog andere zorg, zoals fysiotherapie. Verschillende zorgverleners mogen geen informatie over je kind uitwisselen zonder jouw toestemming. Maar het kan wel handig zijn als school en zorgverleners contact met elkaar hebben. Bedenk welke informatie je wil delen met school. En of je wil dat school zelf contact heeft met zorgverleners of andere organisaties.
Goed om te weten
-
Vragen die je aan een reguliere basisschool kan stellen
-
Welke basisondersteuning er op school is, staat op de website van de school, in de schoolgids en op de website Scholen op de Kaart
-
Siméa geeft meer informatie over een OPP-gesprek
-
Een format van een OPP vind je op de site van Balans
-
Op AllesoverTOS.nl staat meer informatie over waar kinderen TOS op school moeite mee kunnen hebben
-
Op TOSinbeeld.nl staan tips voor het inrichten van de leeromgeving
-
Heeft je kind meer ondersteuning nodig? Dan kan school hulp aanvragen bij het speciaal onderwijs voor TOS
Onderwijs mét arrangement
Een deel van de kinderen met TOS krijgt een ondersteuningsarrangement vanuit het speciaal onderwijs voor TOS. Dan komt er een ambulant begeleider (AB’er) bij je kind op school. Bij sommige organisaties heet dit ambulant dienstverlener (AD’er). De AB’er of AD’er ondersteunt de leerkracht en het team. Hij of zij geeft informatie over TOS en over wat jouw kind nodig heeft in de klas.
Wat als mijn kind een arrangement vanuit het speciaal onderwijs voor TOS heeft gekregen?
Dan krijgt je kind een AB’er of AD’er toegewezen. Die neemt contact op met school en met jou. School en de AB’er/AD’er stellen een ontwikkelingsperspectiefplan (OPP) op. Daarin staat:
- wat je kind nu kan.
- wat je kind gaat leren.
- op welke manier je kind ondersteuning krijgt.
- wat je kind kan als het van school af gaat.
School stemt met jullie af aan welke doelen school werkt en hoe. Op de site van Siméa staat nuttige informatie voor een gesprek over het opstellen van een OPP. Het OPP moet minstens één keer per jaar worden geëvalueerd.
Een ondersteuningsarrangement is tijdelijk. Elk jaar wordt bekeken of je kind de ondersteuning nog langer nodig heeft.
Waar moet ik nog meer aan denken?
Vaak hebben kinderen met TOS op de reguliere basisschool nog logopedie. En misschien heeft je kind nog andere zorg, zoals fysiotherapie. Zorgverleners mogen onderling geen informatie over je kind uitwisselen zonder jouw toestemming. Maar het kan wel handig zijn als school, AB’er/AD’er en andere zorgverleners contact met elkaar hebben. Bedenk welke informatie je wil delen met school, de AB’er/AD’er en of je wil dat school zelf contact heeft met zorgverleners of andere instanties.
Goed om te weten
-
Vragen die je aan een reguliere basisschool kan stellen
-
Siméa geeft meer informatie over een OPP-gesprek
-
Een format van een OPP vind je op de site van Balans
-
De ouderverenigingen FOSS en FODOK hebben een folder gemaakt over het OPP
-
Op AllesoverTOS.nl staat meer informatie over waar een kind met TOS op school moeite mee kan hebben
-
Op TOSinbeeld.nl staat meer informatie over het inrichten van de leeromgeving
Logopedist
Vaak hebben kinderen na de vroegbehandeling nog logopedie nodig. Je kind kan dan naar een logopedist in een vrije vestiging. Het is belangrijk dat jij je kind hiervoor op tijd aanmeldt. Zoek alvast een logopedist in de buurt op deze site of vraag de vroegbehandeling om tips.
Wie is de logopedist in een vrije vestiging?
- De logopedist werkt in een logopediepraktijk.
- De logopedist behandelt verschillende communicatieproblemen. Bijvoorbeeld problemen met taal, spraak, stem of stotteren.
Wat doet de logopedist?
- De logopedist onderzoekt je kind. Bijvoorbeeld door taaltesten af te nemen.
- De logopedist behandelt je kind. Bijvoorbeeld voor taal, spraak of stotteren.
- De logopedist behandelt meestal één keer per week. Die behandeling duurt ongeveer een half uur.
- De logopedist werkt vaak direct met het kind. Dit heet directe behandeling. Jullie zijn als ouders vaak wel aanwezig bij de behandeling.
- Soms geeft de logopedist advies aan jullie als ouders. Jullie krijgen tips wat jullie zelf kunnen doen om de taalontwikkeling van je kind verder te stimuleren. Dit heet indirecte behandeling.
- De logopedist geeft vaak huiswerk mee. Jullie kunnen dan thuis oefenen.
Hoe meld ik mijn kind aan voor logopedie?
Logopedie zit in het basispakket bij de zorgverzekeraar. Meestal heb je geen verwijzing nodig. Je kan je kind zelf aanmelden bij een logopedist. Soms vragen logopedisten wel een verwijzing. Dat komt dan omdat de zorgverzekeraar dat wil. Dan moet je eerst langs de huisarts.
De logopedist in de vrije vestiging heeft vaak lange wachtlijsten. Zoek daarom op tijd naar een logopedist bij jullie in de buurt. De zorgverzekeraar kan proberen om eerder zorg te regelen. Dit heet wachtlijstbemiddeling. De wachtlijstbemiddeling vraag je zelf aan bij de zorgverzekeraar.
Wat als mijn kind start met logopedie?
Bespreek met de logopedist van de vrije vestiging wat de vroegbehandeling al heeft gedaan. Je kan ook het verslag van de vroegbehandeling delen met de logopedist. Daarnaast kan de logopedist van de vroegbehandeling met de logopedist van de vrije vestiging bespreken wat er al is gedaan. Hiervoor moet jij als ouder toestemming geven.
Let op:
- Logopedie wordt volledig vergoed (onder de 18 jaar).
- Meestal is een verwijzing niet nodig. Soms wel. Een verwijzing krijg je via de huisarts.
- Veel logopedisten hebben lange wachtlijsten. Begin daarom op tijd met zoeken.
- Jij moet (mondeling) toestemming geven voor contact tussen de vroegbehandeling en de logopedist in de vrije vestiging.
Goed om te weten
-
Vragen die je aan een logopedist kan stellen
-
Op de site van de NVLF kan je zoeken naar een logopedist in de buurt
-
Babette vertelt over logopedie (1:55-2:17, TOS-portretten Deelkracht)
-
Patty, de moeder van Dani, vertelt over logopedie (2:15-2:37, TOS-portretten Deelkracht)
-
Op AllesoverTOS.nl staat meer informatie over logopedie









